Bij voorgenomen bouw-, verbouw en baggerwerkzaamheden is het noodzakelijk en verplicht, om voorafgaand aan de werkzaamheden, een onderzoek te laten uitvoeren, op de eventuele aanwezigheid van niet gesprongen explosieven, veelal afkomstig uit de 2 wereldoorlog.
Er is een kleine groep die zich bezighouden met het totaalpakket van onderzoek, opsporen en benaderen van de explosieven, wij houden ons alleen bezig met het (historisch) vooronderzoek.
De rapportage hieromtrent voldoet aan de eisen uit het WSCS-OCE en is dan ook een stuk van overtuiging met betrekking tot het aantonen van de aanwezigheid van explosief materiaal, of juist het ontbreken ervan.De grondslag van deze regelgeving ligt verankerd in de ARBO wet. Sinds 2018 is deze regelgeving ook buitengaats van toepassing.
Inhoud vooronderzoek;
In het WSCS-OCE staat beschreven welke bronnen in het vooronderzoek (ten minste) dienen te worden geraadpleegd en op welke wijze de beoordeling van het bronnenmateriaal dient plaats te vinden. Hiermee is de ‘minimale onderzoeksinspanning’ voor het vooronderzoek omschreven.
Verder zijn concrete eisen gesteld aan de output van het vooronderzoek; een rapportage en een CE bodembelastingkaart. Hierin vindt de 
beoordeling en evalueatie plaats van het bronnenmateriaal;  de rapportage en genoemde CE bodembelastingkaart.